Jumbo-Visma had twijfels Dumoulin beter moeten managen

Liefst 420 dagen zonder rugnummer. Het schot van het startpistool missen. Niet hoeven te wringen voor je positie in het peloton. Niet voelen hoe de concurrentie je longen in brand steekt en je benen met giftig melkzuur laat vollopen. En niet weten of de cijfertjes die je op de trainingen wegtrapt voldoende zijn om in een wedstrijd een hoofdrol op te eisen.

Tom Dumoulin weet weer wat pijn lijden is een koers op het hoogste niveau is.
FOTO: RAYMOND KERCKHOFFS

Het zijn ook honderden dagen leven met de onzekerheid of je op het hoogste niveau kunt terugkeren. Een eeuwigheid uitkijken naar een rentree met de vraag of de knieblessure volledig hersteld is, of de parasieten uit de darmen zijn verdwenen en of het Corona-virus het peloton niet stil legt.

Twijfels
Het is logisch dat de twijfels zich in die lange periode opstapelen. Tegen De Telegraaf erken je midden in de Corona-lockdown te overwegen om met een psycholoog hierover te praten. Dit is niks nieuws want vanaf de Tour-start in Utrecht in 2015 laat je in diverse interviews al doorschemeren dat je nadenkt om een sportpsycholoog op het mentale vlak in te schakelen.

Je rentree in het peloton moet een grote opluchting zijn. Op je tweede koersdag in de Tour de l’Ain ken je meteen een mindere dag. Een etmaal later kun je gelukkig wel weer de beste klimmers pijnigen op de lastige Grand-Colombier. Wat zegt dat over je herstelvermogen en over je regelmaat? Gelukkig voel je je in de Dauphiné vijf dagen achter elkaar conditioneel sterker worden, maar na deze ‘kleine Tour’ ben je weer een paar dagen zwak, ziek en misselijk van alle inspanningen in de Rhône-Alpes. Dan weet je ineens weer wat de betekenis van een vaatdoek in de wielersport is.

Dan dient zich de vraag aan welke houvast die acht koersdagen je geven voor de zwaarste wielerwedstrijd van het jaar, voor die grote ronde van ruim drie weken de Tour de France? Hoe kun je je waarde bewijzen in de beste wielerploeg van die ronde? Als nieuwkomer in een ploeg wil je je immers altijd bewijzen.

Vrij kopen
Daarbij weet je ook hoe diep dat nieuwe team in de buidel heeft getast om jou vrij te kopen van je doorlopende contract bij je oude ploeg. Stiekem wil je ook het ongelijk van je voormalige werkgever bewijzen. En eenmaal als het ‘Grand Départ’ is geweest moet je dagelijks omgaan met de druk van de buitenwereld voor wie je nog altijd een van de grote favorieten voor de eindzege van de Tour bent.

Tom Dumoulin heeft zijn rol als schaduwkopman ingeruild voor die van meesterknecht.
FOTO: RAYMOND KERCKHOFFS

Er spoken de afgelopen dagen meer vragen dan antwoorden door het hoofd van Tom Dumoulin. Als er een onzichtbare en onvermurwbare tegenstander in de wielersport is, dan zijn het de twijfels. Als wielrenner moet je tien keer kunnen doodgaan om in de positie te komen om voor de overwinning mee te spelen. Wanneer de twijfels overheersen bij iedere keer dat je spreekwoordelijk overlijdt, drijf je steeds verder van het podium weg.

Onbewust nemen die twijfels de overhand. Op Orcières-Merlette zit je gewoon van voren in de elitegroep van zestien renners. Toch benadruk je voorbij de finish dat je je niet goed voelt. Dat dit niet het niveau is waarvoor je naar de Tour bent gekomen.

Grote fout
Eerlijk beken je later zelfs dat dit gevoel steeds meer grip op je krijgt. Het is op dat moment aan je ploeg om hier goed mee om te gaan. Om duidelijk rekening ermee te houden dat de twijfels in een eerste rit door de Pyreneeën naar Loudenvielle de overhand kunnen krijgen. Dat de onzekerheid over je vormpeil je koersgedrag kan beïnvloeden. Cijfertjes spelen in het wielrennen een belangrijke, maar geen dominante rol. Tactiek en psychologie zijn zeker zo belangrijk. Jumbo-Visma heeft je mentale signalen echter niet goed opgepakt.

Dat je op de hors-categorie klim de Port de Balès begint te kraken onder de inspanningen van jouw ploegmaat Wout van Aert is niet vreemd. Dat je je vervolgens buiten het plan van de ploeg om op de eerste kilometers van de slotklim de Col du Peyresourde op kop van de groep nestelt en je eigen klassement opoffert voor het teambelang is een grote fout. Een fout die een renner van jouw statuur eigenlijk niet meer mag maken.

Tom Dumoulin voor de start van de tweede rit in de Pyreneeën.
FOTO: ALEX BROADWAY / ASO

Maar, dit scenario had van tevoren ook in de ploeg besproken moeten worden. De no-go voor deze tactiek had de teamleiding je al voor de start moeten benadrukken. Heel simpel: een schaduwkopman mag zich in een grote ronde nooit in de eerste bergrit reeds opofferen. Zolang de eerste kopman niet in problemen komt, moet hij altijd proberen om zelf zo lang en zo hoog mogelijk in het klassement te blijven.

De Pyreneeën hebben duidelijk gemaakt dat Dumoulin na de lange periode zonder koers nog niet honderd procent topfit, maar ver verwijderd van zijn topvorm is hij zeker niet. Je dunt met je raid in de eerste kilometers van de Peyresourde het elitegroepje uit tot negen renners. Of je net als Egan Bernal op het elastiek nog lang bij de eerste groep had kunnen aanhaken zullen we nooit weten. Dat je met die ‘slechte’ benen je tijdverlies tot ver beneden de twee minuten had kunnen beperken lijkt reëel.

Niet haalbaar
Nu Dumoulin buiten de top-10 in het klassement is gevallen en een podiumplaats niet meer haalbaar lijkt, is het duidelijk dat de Nederlandse ploeg volledig de kaart van Primoz Roglic zal spelen. Zeker met de gele trui (al is het met miniem verschil) reeds om de schouders van de Sloveen is de Sloveen nog altijd de grote favoriet voor de eindzege, terwijl Jumbo-Visma zonder twijfel de sterkste ploeg in deze ronde heeft. Alleen mist geel-zwart na afgelopen weekend een tweede troefkaart om in het klassement uit te spelen.

Met Tadej Pogacar als beste man van de Pyreneeën en Egan Bernal die in de rit naar Laruns eindelijk weer in de buurt van zijn vormpiek van vorig jaar lijkt te komen, staan Roglic en Jumbo-Visma nog twee zware weken te wachten. Zeker in de rit naar de Col de la Loze (op 2304 meter) en de klimtijdrit naar La Planche des Belles Filles mag je de concurrentie niet onderschatten. Bernal groeit boven de tweeduizend meter, terwijl Pogacar zijn landgenoot Roglic al tijdens de nationale titelstrijd tegen de chronometers in een klimtijdrit versloeg.

Primoz Roglic in de gele trui van de Tour.
FOTO: ALEX BROADWAY / ASO

Geel
De vraag is hoe Jumbo-Visma Dumoulin nu het beste kan inzetten om de gele trui naar Parijs te brengen. Defensief door het tempo hoog te houden voor Roglic? Dan moet je zeker weten dat Roglic zijn tegenstanders bergop ergens kan lossen. Of offensief door mee te springen met andere concurrenten. Aangezien de eerste twaalf renners uit het klassement twaalf verschillende ploegen vertegenwoordigen zou je met Dumoulin in de aanval extra druk op de belangrijkste concurrenten van Roglic kunnen zetten.

Wellicht is de aanval wel de beste verdediging voor het geel.

5 1 vote
Artikelbeoordeling
Abonneren
Abonneren op
guest
0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments