Hassenforder: Clown, jager en… coureur

Een paar dagen geleden circuleerde op Facebook een foto die Raymond Kerckhoffs in Valkenburg, zomer 1992, had gemaakt. Daar was toen de Tour de France neergestreken, eerst als finishplaats van de etappe die in Brussel was begonnen, een dag later als start van de rit naar het Duitse Koblenz. Als verslaggever maakte ik een groot deel van die Tour mee, dus ook het feest in Valkenburg. En natuurlijk waren er ter gelegenheid van deze wieler-hoogtijdagen diverse oud-renners uitgenodigd die in hun gloriejaren Nederland de Tourkoorts hadden bezorgd.

Op een van de foto’s die de toen nog piepjonge Kerckhoffs in het VIP-dorp maakte zaten Wim van Est en Wout Wagtmans en stond vlnr. Leo van der Pluijm, Jan Nolten en Thijs Roks, een beeld dat ook nú nog – bijna dertig jaar later – weer herinneringen bij mij oproept. Ik heb over alle vijf geportretteerden namelijk beroepshalve vaak verhaald, óók toen hun loopbaan en zelfs hun aardse bestaan (waar het Van Est, Wagtmans, Nolten en Roks betreft) al voorbij was. Oude soldaten sterven immers niet …..

In het VIP-dorp na de aankomst van de Tour de France in Valkenburg in 1992 heffen zittend Wim van Est en Wout Wagtmans en staand Leo van der Pluijm, Jan Nolten en Thijs Roks (vlnr.) het glas.
FOTO: RAYMOND KERCKHOFFS

De in Dussen geboren Leo van der Pluijm (85) woont daarentegen – als ik me niet vergis – nog altijd in Made, de plaats waar hij niet alleen een florerende schoenenzaak runde, maar ook – zelfs al in zijn rennersjaren – volop meehielp aan het organiseren van de plaatselijke profronde. Toen ik de foto van Valkenburg onder ogen kreeg moest ik onwillekeurig denken aan het jaar waarin hij zijn debuut in La Grande Boucle had gemaakt: 1956. Er werd nog met landenploegen gereden. Tegelijk daarmee flitste de naam van een Franse renner door mijn hoofd: Roger Hassenforder. Deze toenmalige clown van het peloton was vaker en ook met meer succes dan onze landgenoot present in ‘s werelds grootste wielerkoers. Ere wie ere toekomt. Echter, de wijze waarop hij Van der Pluijm in diens debuutjaar van een etappezege afhield was er een met een zwart randje. Beter gezegd: ‘Hassen’ had zijn Nederlandse medestrijder doodeenvoudig geflikt.

Het gebeurde in de negende etappe La Rochelle-Bordeaux, 219 kilometer. Van der Pluijm en Hassenforder waren ontsnapt uit een omvangrijke vluchtersgroep die naderhand weer door het peloton werd opgeslokt. In gezelschap van de Helveet Traxel bouwden ze vol ijver aan het vergroten van hun voorsprong. Dat deden ze ook nog toen hun Zwitserse metgezel had afgehaakt. Niet veel later begon Hassenforder echter te jammeren dat hij net als Traxel zijn beste krachten had verspeeld. Het meeste kopwerk moest toen van Leo van der Pluijm komen. Zonder morren werd dat gedaan, temeer omdat Hassenforder beloofd had op de wielerbaan van Bordeaux niet mee te sprinten. Helemáál vertrouwde Van der Pluijm daar overigens niet op, want in de laatste kilometers – op het enorme havencomplex van de stad – probeerde hij de Fransman een paar keer los te rijden. Van vermoeidheid waarover ‘Hassen’ geklaagd had bleek echter bitter weinig over. In elk geval, hij pareerde iedere demarrage. Toen de twee het tjokvolle stadion binnenreden was Roger zijn eerder gedane belofte eveneens compleet vergeten. Kortom, hij won. De ontgoochelde Van der Pluijm werd tweede.

Leo van Vliet (r) bezocht in de zomer van 2018 tijdens een fietstocht Roger Hassenforder.

De ontknoping was in dubbel opzicht pijnlijk. Na de successen in Bordeaux van Hans Dekkers (1952), Jan Nolten (’53), Henk Faanhof (’54) en Wout Wagtmans (’55) was immers de vijfde achtereenvolgende Nederlandse zege achterwege gebleven. Niet alleen Van der Pluijm kookte daarom van woede. De premie voor de strijdlustigste renner voelde dan ook als een doekje voor het bloeden. Daar kwam nog bij dat hij en zijn ploegmakkers Jan Nolten, Wout Wagtmans, Gerrit Voorting, Daan de Groot, Jef Lahaye, Piet van den Brekel, Wies van Dongen en Jos Hinsen een teamgenoot waren kwijtgeraakt. Eerstejaarsprof Michel Stolker had na een val de strijd gestaakt.

Van der Pluijm – die eerder in het jaar de tweede plaats achter de ongenaakbare Wim van Est had veroverd in het NK op de Cauberg – zou uiteindelijk in dertigste stelling Parijs bereiken. Daar werd Roger Walkowiak, een Fransman van Poolse afkomst, als eindwinnaar gehuldigd. Achtentachtig van de 120 renners hadden de wedstrijd uitgereden.

Ook in ’57 behoorde Van der Pluijm tot de uitverkorenen van Pellenaars, maar al op de derde dag, in een verschroeiende hitte, gooide hij het bijltje er bij neer. Hij zou nog een jaar of vier, vijf als prof koersen, ook op internationaal niveau in o.a. Vierdaagse van Duinkerken, Ronde van Nederland, Dauphiné Libéré, Ronde van Catalonië, Ronde van België, et cetera, maar hoewel de sympathieke Leo nog op z”n tijd een eervolle klassering behaalde, bleek hij toch op de weg terug. Hij, de renner die als amateur in ’55 de Ronde van Brabant had gewonnen, legde trouwens na zijn Tour-bezigheden al heel veel energie in de schoenenzaak die hij was opgestart.

En Roger Hassenforder? Die had in 1956 overigens niet alleen de etappe naar Bordeaux gewonnen. Hij was ook in Caen, Montpellier en Montlucon als winnaar gehuldigd. Trouwens, een jaar eerder was hij al één keer de beste geweest en in ’57 pikte hij twee ritzeges mee, om tenslotte in 1959 zijn aantal dagprijzen op acht te brengen. Daarbij mocht niet vergeten worden dat hij in ’53 (zonder etappewinst) ook nog eens vier dagen de gele trui had gedragen. Jawel, Roger Hassenforder, wiens wieg in Sausheim in de Elzas had gestaan, was behalve grappenmaker én linkerd een renner van formaat. Geen twijfel mogelijk. Na zijn jaren op de fiets runde hij in Kaysersberg, niet ver van de grens met Duitsland, een hotel-restaurant (‘Chez Roger Hassenforder’) dat grote bekendheid verwierf. Ik heb tijdens mijn omzwervingen door Frankrijk wel eens, soms met wijlen mijn vrouw, een bezoek gebracht aan de zaak. En, echt waar, de spijzen en drank waren voortreffelijk.

Het hotel/restaurant van Roger Hassenforder in Kaysersberg op zo’n vijftien kilometer ten Noord-Westen van Colmar.

Overigens, eenmaal renner-af kon Roger zich – naast zijn zakelijke bezigheden – meer dan vroeger uitleven op een heel ander terrein. Hij werd nog fanatieker dan voorheen een jager op groot wild, tot in Noord-Afrika toe. Sterker, ook sedert hij geen directe bemoeienis meer had met het hotel-restaurant (dat in familiebezit bleef) was de passie voor het jagen onverminderd groot. Thuis treft men bij hem dan ook niets van gele truien of andere trofeeën uit zijn wielerjaren aan, wél attributen van de jacht. Roger Hassenforder is 90 jaar.

0 0 vote
Artikelbeoordeling
Abonneren
Abonneren op
guest
0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments