Comeback van een kampioen

Het postkantoor van de WorldTour en de grote koersen is weer geopend. Dus kunnen de Brieven aan Renners voor het eerst sinds de Omloop Het Volk ook weer worden verstuurd. Uiteraard gaat de eerste naar Wout van Aert, voor het eerst sinds ruim een jaar weer in koers en gelijk winnaar van de Strade Bianche

Beste Wout,

Ik dacht even terug aan 19 juli 2019. Je denderde in grootse stijl door de straten van Pau. Op weg naar een overwinning in de tijdrit van de Tour de France. Slechts 27 kilometer lagen er tussen start en finish, maar dat was ongetwijfeld voldoende om jouw pas ontdekte vermogen in het werk contra het horloge te bevestigen. Totdat je even te krap door de bocht ging, een hek raakte en vernietigend hard tegen het asfalt ging. Een gapende vleeswond in je rechterbovenbeen, waarvan de ernst vele malen erger was dan er in eerste instantie al werd gevreesd.

Lang, zeer lang waren er twijfels of dat wel goed zou komen. Koersen was er in elk geval dat jaar niet meer bij. De 29ste februari stond je weer aan de start: elfde in de Omloop Het Volk. Wout van Aert was begonnen aan zijn comeback, maar corona stopte alles. Vijf frustrerende maanden lang viel er nergens een startvlag.

Na ernstig blessureleed vorig jaar in de Tour de France is de zege op het Piazza del Campo in de Strade Bianche een bevrijding voor Wout van Aert.
FOTO: LaPresse – D’Alberto / Ferrari (RCS)

Het peloton leefde de laatste weken hoog in de bergen. Iedereen was met stages bezig. Alles gericht op die eerste belangrijke koers op 1 augustus: Strade Bianche. De honger was groot en de onzekerheid ook. Geen voorbereidende koersen. Niemand met koerskilometers in de benen. Wie was er in vorm? Nog nooit was een klassieker van start gegaan zonder dat er duidelijkheid was over de machtsverhoudingen in het peloton.

Maar daar maakte jij op deze zonnige dag gelijk een einde aan. Wout van Aert is terug aan de top. Aan jouw overwinning in Siena viel eigenlijk niets te doen voor de concurrentie. In de zinderende hitte heerste jij vanaf het moment dat je met Jakob Fuglsang, Alberto Bettiol, Maximilian Schachmann, Davide Formolo en Greg Van Avermaet de wet begon te dicteren.

De temperatuur was gestegen tot boven de 37 graden Celsius. Drinken was het parool. De wegen lagen er kurkdroog bij. Motoren voor de koers zorgden voor stofwolken die het allemaal nog lastiger maakten. Drie-en-zestig smetteloos witte paden lagen vol steenslag. Lekke banden waren onvermijdelijk. Mathieu van der Poel moest van de fiets. Julian Alaphilippe ook. Ze moesten achtervolgen om vooraan terug te komen. Deed dat ze de das om op deze achtbaan in Toscane, waar de hitte talloze coureurs teveel werd?

Het lijkt er veel op. In elk geval slaakten ze allebei een diepe zucht toen Bettiol in de eerste kilometers van gravelsector nummer acht op de elf kilometer lange Monte Sante Marie in het offensief ging. Ze schakelden terug naar het kleinste van de kleine versnellingen. Hun tempo zakte naar dat van een postbode en weg waren jullie. Eerst met negen man, maar al snel met nog maar vijf. Er waren nog 52 kilometer te gaan. Toen al kon je zien dat jij overmacht had.

Wout van Aert reed veel en hard op kop. Wout van Aert deed toch niet overmoedig. Hij bewaarde zijn goede benen voor de finale. Dus je dichtte gaten als het moest, maar niet te snel. Wout van Aert was met zijn kop aan het koersen.

Dat deed Jakob Fuglsang niet. Hij begon aan een solo toen er nog 50 kilometer gereden moest worden. Hij nam snel 20, 25 seconden, maar bleef toen hangen. Tergend langzaam kropen jullie weer naar zijn wiel. Acht kilometer verder was het zover. En toen jullie er aanzaten bleek wat er met Jakob loos was. Hij had dorst. Hij had het heet. Hij goot water door zijn keel. Hij goot water over zijn hoofd. En hij goot water over zijn benen die wel in brand leken te staan. Toch reageerde hij nog een keer toen Schachmann aanviel, maar er zat geen kracht achter dit offensief. Tempo rijden werd de boodschap.

Op anderhalve minuut zat Zdenek Stybar in de achtervolging. Hij had gewerkt voor Alaphilippe toen er nog zo’n dertig man over waren, maar tot zijn stomme verbazing zat hij plotseling alleen omdat de Fransman de vlag moest strijken. Bookwalter zat bij Stybar in het wiel. Ze kwamen terug tot een minuutje. Maar dat was het wel.

Greg van Avermaet kreeg op de Colle Pinzuto, 19 kilometer voor Sienna, de genadestoot. De Duitse kampioen Schachmann viel aan. Jij sprong in het wiel. De witte weg steeg zestien procent en weg was de olympische kampioen. Toen waren er nog maar vier. Vijf kilometer verderop viel je zelf aan op de helling van Le Tolfe, veertien kilometer voor de meet. Het was de eerste keer en het was gelijk raak. Het gat bleef lang zes, zeven seconden. Schachmann achtervolgde. Formolo kwam met veel moeite in zijn wiel en Bettiol haakte nog net aan.

Het gevecht om de overwinning was boeiend. Tien kilometer voor de streep: voorsprong zeven seconden. Driehonderd meter verder. Formolo was vrijwel uitgedroogd. Hij greep zijn bidon en begon te drinken toen hij op kop zat. Het tempo viel even stil. De voorsprong groeide naar tien, twaalf seconden. Nog acht kilometer te gaan. Een lichte versnelling bij Schachmann en Formolo. Bettiol moest er af.

Het prachtige podium van de Strade Bianche met Wout van Aert, Davide Formolo en Maximilian Schachmann.
FOTO: LaPresse – D’Alberto / Ferrari (RCS)

Zelf klom je even en danseuse. Nog maar zes seconden voor. Met nog vijf kilometer voor de boeg goot het laatste water uit jouw bidon naar binnen en de rest over je brandende nek. Het was een opfrissertje dat je even nodig had. Op drie kilometer daalde je zittend op de buis, diep voor over en even de benen stil. Een momentje van ontspanning. De voorsprong schoot rap omhoog. Vijftien seconden, twintig seconden. Als Formolo en Schachmann een bocht uitkwamen konden ze je niet meer zien.

Daar hing de rode vlag. Voorsprong dertig seconden en alleen nog de lange steile, lege, lege Via Santa Catharina. Niemand om nog even een aanmoediging te schreeuwen. Wout van Aert klom in stilte naar zijn grootste overwinning. Grijnzend lag je achter de finish tegen een dranghek. Je goot bidonnen water over je verhitte kop. Het was verdiend. Iedereen wist het nu: Wout van Aert kon het na een jaar ellende en twijfel nog steeds. Het moet een bevrijdend gevoel hebben gegeven.

Met vriendelijke groet,

Ron Couwenhoven

4.8 5 votes
Artikelbeoordeling
Abonneren
Abonneren op
guest
0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments