Bernard Hinault op de vuist in Parijs-Nice

Nee, ik heb het zelf niet gezien. Toen Bernard Hinault in Parijs-Nice 1984 slaags raakte bij een wegblokkade deelde ik met mijn collega’s Ron Couwenhoven van De Telegraaf en René Lombaerts van de Belgische krant Het Laatste Nieuws de volgauto in Tirreno-Adriatico. Daar reed o.a. de kersverse ploeg Kwantum Hallen met Jan Raas, Joop Zoetemelk, Adrie van der Poel (die een rit won), Ad Wijnands, Hennie Kuiper, Leo van Vliet, Cees Priem, enzovoort.

Zoals gebruikelijk vond deze rittenwedstrijd immers plaats in dezelfde periode als de ’koers naar de zon’. Het nieuws over de kloppartij in Frankrijk kreeg niettemin ook in Italië grote aandacht, zeker vanwege de hoofdrol die oud-wereldkampioen en veelvoudig Tourwinnaar Hinault er in gespeeld had.

Parijs-Nice ’84 (waarin Peter Post met een sterke Panasonic-ploeg aanwezig was) had overigens in vorige dagen al onder vuur gelegen van betogers die aandacht vroegen voor problemen op economisch vlak. Echter, de acties hadden niet of nauwelijks tot oponthoud geleid. Maar in de vijfde etappe van Marimas naar La Seyne-sur-Mer veranderde alles. Het werd echt vechten.

Bernard Hinault met een huidige kampioen uit Bretagne, Warren Barguil.
FOTO: RAYMOND KERCKHOFFS

Hinault en zeventien andere koplopers – tussen haakjes: er werd ‘volle bak’ gereden – botsten in de buurt van Grand Caunet op een levende muur van honderden mijnwerkers, die met hun blokkade de publieke opinie wilden beïnvloeden tegen een dreigende ontslaggolf. ’Jawel, maar niet over mijn rug’, flitste door het hoofd van Hinault. ’Best mogelijk dat jullie met problemen kampen, maar toevallig ben ik hier op deze openbare weg aanwezig om het vak uit te oefenen waarvoor ik gekozen heb. Wie heeft het recht om mij daarin te hinderen? Een hele dag slopen wij ons uit en dan krijg je dit.’

Henk Lubberding bevond zich in het wiel van Bernard Hinault toen de Fransman, kokend van woede, afstapte en naar een betoger sloeg. De goeie man kreeg echter onmiddellijk hulp en werkte op zijn beurt de Breton tegen de grond. Dat pikten de andere koplopers weer niet, Hinault incluis. Op het moment dat het peloton met (toen nog) klassementsleider Millar, Vanderaerden, Knetemann, Lammertink, et cetera, eveneens in de chaos belandde krabbelde hij overeind. Tegelijkertijd begon hij wild om zich heen te slaan. Kortom, het werd van kwaad tot erger, zeker toen Walter Planckaert ook nog eens zijn fiets in de vechtende meute gooide.

De politie greep nauwelijks in, maar kreeg het met officials uit de karavaan toch klaar om de partijen tot een overleg te bewegen. Dat kwam mede tot stand door smeekbeden van organisatie-directrice Josette Leulliot, die haar vader Jean Leulliot in deze functie had opgevolgd. Aan haar zijde bevond zich de vroegere wielerheld Jacques Anquetil in de rol van wedstrijdleider.

Bernard Hinault als winnaar van de Tour de France in 1978.
FOTO: WIKIPEDIA

Enfin, er volgde een nieuwe start. Maar de renners zaten nog niet goed en wel in het zadel of uit een dorp 20 kilometer vóór de finish kwam het bericht dat ook dáár een wegblokkade in voorbereiding was, dit keer door boze arbeiders van een met sluiting bedreigde scheepswerf. Inderdaad, er moest opnieuw gestopt worden, maar het oponthoud gebeurde zonder commotie. Met de belofte van madame Leulliot dat de volgende dag op het fabrieksterrein gestart zou worden voor de zesde etappe (’dan kan heel Frankrijk op tv kennis nemen van jullie grieven’) waren de betogers tevreden. Niet veel later won Eddy Planckaert in La Seyne-sur-Mer de etappe. Weer een paar dagen later werd Sean Kelly als eindtriomfator van de koers gehuldigd. Een andere Ier, Stephen Roche, bezette de tweede plek, Hinault de derde.

Zal ik ook nog even vertellen hoe het in de zevendaagse Tirreno-Adriatico afliep? Wel, daarin pakte de Zweed Tommy Prim de overwinning. Erich Maechler, een Zwitser, werd tweede. Daarna volgden de Italiaan Visentini, ’onze’ Van der Poel en de Amerikaan Greg LeMond. Weer een paar dagen later zat ik in de karavaan van Milaan-Sanremo. De winnaar? Francesco Moser. Toen de Italiaan onstuitbaar wegreed bij de concurrentie was Jan Raas in een ambulance onderweg naar het ziekenhuis. Bij de afdaling van de Cipressa had de klassiekerkoning uit Zeeland een zware val gemaakt die hem geruime tijd uitschakelde. Sterker, de tuimeling zou het einde van zijn fabelachtige rennersjaren inluiden.

5 2 votes
Artikelbeoordeling
Abonneren
Abonneren op
guest
0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments